International Blog: Femke Oomen

Hey hey! Mijn naam is Femke Oomen en ik ben momenteel bezig met mijn derde jaar van de Bachelor Bedrijfskunde, track Technologie Management. Ik kom uit Stiens, Friesland maar woon sinds m’n eerste jaar in Groningen. Vorig jaar ben ik deel geweest van de ISP Commissie en op het moment ben ik de voorzitter van de Conference Committee. Ik was er al snel over uit dat ik erg graag naar het buitenland wilde tijdens mijn studie, met voorkeur buiten Europa. En om jezelf dan toch nog wat in het diepe te gooien, dan het liefst naar Afrika. Tanzania leek mij super interessant omdat de cultuur totaal verschilt van Nederland en natuurlijk omdat Afrika toffe safari’s heeft en de stranden van Zanzibar erg mooi zijn!  

Na een aantal maanden voorbereiden is het moment dan daar en stap je uit het vliegtuig in Dar es Salaam. ’s Avonds laat, nog steeds zo’n 30 graden, rijd je door een stad waar de markten nog druk bezocht worden en het verkeer stuiterend door de gaten in het asfalt om je heen rijden. De eerste bedelaars langs de weg kijken nieuwsgierig in je auto en dan merk je toch wel dat je niet meer in het comfortabele Westen bent. Gek genoeg went dit uitzicht erg snel en voor je het weet ervaar je hutjes met een golfplaat-dak als best ‘redelijk’ en schrik je er niet meer van als je geen water hebt en de elektriciteit het niet doet. Ook de lokalen die langs of op de weg naar de universiteit spullen verkopen worden op een gegeven moment ‘bekenden’ en voor je het weet begroet je iedereen in het Swahili. De boodschappen doe je op de markten op straat en voor je het weet sta je te onderhandelen en ben je een standaard gast bij de bakkerij en het restaurantje op de hoek.

Op de universiteit gaat het allemaal wat anders dan in Nederland en het niveau is ook niet heel hoog. De termen timemanagement en planning zijn principes die nog niet goed zijn geïmplementeerd. Dit had zowel voor- als nadelen. Een groot nadeel was dat het niet gek is als je een keer in een leeg lokaal bent zonder docent. Maar daarentegen was het mogelijk om te onderhandelen met de contactpersoon wanneer we onze tentamens wilden plannen, bijvoorbeeld omdat we een lang weekend naar Zanzibar wilden. De docenten op de universiteit waren erg vriendelijk en wilden graag dat wij het naar ons zin hadden en dat de lokale studenten ook iets konden leren van onze aanwezigheid. Het contact met de lokale studenten verliep in het begin wat moeizaam door onder andere taalbarrières, tevens moesten ze er aan wennen dat er ‘buitenlanders’ op hun school rondliepen. Op een geven moment werd de nieuwsgierigheid sterker en kregen we steeds meer contact met de Tanzaniaanse studenten op de Institute of Finance Management wat erg interessant was, aangezien we zo meer inzichten kregen in het leven van een Tanziaanse student.

Doordat de planningen niet altijd even duidelijk waren, hadden we erg veel vrije tijd. Wat voor ons betekende dat we tijd hadden om het land te gaan verkennen. Van de safari’s in de Serengeti en andere parken in Arusha, langs de Kilimanjaro en vervolgens door naar de kust om te zwemmen met dolfijnen. In totaal ben ik naar vijf verschillende safariparken geweest en drie keer naar Zanzibar. Tijdens de safari’s slaap je tussen de wilde dieren, denkend aan leeuwen, giraffes, olifanten en cheeta’s.  ’s Ochtends vroeg ga je met de jeep het park in en zit je de hele tijd op het puntje van je stoel om de dieren zo snel mogelijk te spotten!

Op Zanzibar zie je het gigantische verschil waarbij je het ene moment op een spierwit strand staat met helderblauw water en 200 meter verder wonen de lokalen in hun hutjes. Het binnenland van Tanzania is erg onderontwikkeld, waarbij het de normaalste zaak is dat een dorp geen water, elektriciteit of een toilet heeft. Dit gigantische verschil vond ik af en toe wel moeilijk omdat we niet veel konden bijdragen. Het enige wat we konden doen was informatie delen en af en toe wat eten of drinken uitdelen. De lokale bevolking ziet helaas niet veel terug van het geld wat verdiend wordt met toerisme, dit gaat vooral naar de buitenlandse grote hoteleigenaren. Hetgeen wat mij het meeste bij is gebleven zijn de kindjes van de Masai-stam die op het strand spelen met zo goed als niks. Ik was op het strand aan het studeren en kreeg wat contact met twee kleine meisjes. Van het papier wat ik bij me had maakte ik een paar papieren vliegtuigjes en daar hebben ze uren mee gespeeld, iets wat je je hier bijna niet kan voorstellen.

Tanzania is mega divers, ver van perfect en de cultuur is totaal niet te vergelijken met die van ons. Al met al, was het een ervaring die ik nooit had willen missen. Mensen zijn erg behulpzaam als ze merken dat je bijvoorbeeld de moeite neemt om de taal te spreken en zijn erg nieuwsgierig waarom een groepje ‘Mzungu’ (blanken) rondlopen in hun stad. Heb je ooit de kans om ernaartoe te gaan? Plan niet te veel van tevoren, laat het over je heen komen en praat vooral met lokalen en andere toeristen om de toffe plekjes te vinden. Boek niet direct iedere tour die aangeboden wordt, anders blijf je hangen in de welvarende toeristische bubbel van Tanzania die toch wel erg ver weg ligt van de realiteit.